Tekst zoeken   -    Inhoud   -    namen index
 - Vorige - Volgende

Onder den Klockenslagh van Neel, Leeuwen en Asenray door Jan RuitenĀ©

pag.315  

Onder de klockenslagh van Neel Asenray en Leeuwen

AAN MIJNHEERKENS

"Die 7 aprilfis (1703) obyt Hendrick Willems, vulgo Mijnheerken."
Aeghtyen Aelen stond te Leeuwen onder een slechte naam en faam bekend. Zo werd zij er in 1703 van beschuldigd bij haar buurman Jan Willems een kip met veertien kuikens te hebben gestolen. Deze werden later bij huiszoeking teruggevonden in het huis van de weduwe van Raey, op de zolder onder eenen stouckhorst. Dat was Aegjes tante, Beelke Nelissen, die tegenover De Thooren in Maasniel woonde. Enkele kuikens had Agatha te Roermond op de markt reeds verkocht.
Aegje verweerde zich, menende dat de buren een kwade wil tegen haar hadden. Maar vanwege de inkwartieringen van militairen te Maasniel, tot januari 1704, kwam men er niet toe de zaak verder uit te zoeken. Ook al omdat men niet veel bewijzen kon. De rol van Beelke Nelissen met haar dochter in deze zaak werd nooit helemaal opgehelderd.
Ook Hendrick Thomassen had het maar moeilijk met zijn vrouw. Verhalen deden de ronde, dat Eghtien met haar knecht, een vagebond genaamd Jacob Wallant, in overspel leefde. Eenmaal was het zelfs gebeurd, dat beiden Hendrick te lijf gingen. Hij werd geschopt en geslagen en tenslotte bij de haren uit het huis gesleept, waarna hij zeker een maand lang niet thuis durfde komen.
Iedereen wist erover mee te praten, dat Aegje geregeld in het buitenland (lees: over de Maas) verkeerde onder de soldaten. Dan bleef ze veertien dagen weg, terwijl ze Hendrick met de kinderen alleen achterliet. Het was ten tijde van de Spaanse successie-oorlog en vreemde legers bevolkten het land.
Nijss Nijsen, pachter op Steynenhof te Leeuwen, wist het allemaal nog beter te vertellen dan de anderen.

Op het raadhuis sprak hij met hoge woorden uitvoerig over Aegjes dubbelleven. Hij had gehoord, dat de vrouw drie dagen geleden, op Lieve Vrouwe-avond, in de schuur van de herberg van de zwager van Peter Schrijvers in Lijveraeth (= Leveroy) met Jacob Wallant had geslapen en met hem in hoererij had geleefd. Ook toen al had de laster snelle benen.
Aeghtyen Aelen was echter niet 'n vrouw, die met zich liet spotten. Nog diezelfde maand, september 1703, daagde zij de kwaadspreker voor het gerecht. Eigenlijk kon dat niet eens, omdat een vrouw toen alleen door haar man in rechten vertegenwoordigd kon worden. Maar Nijss had met Hendrick de zaak reeds bij een stevige pot bier in der minne geschikt. Toch schrok de man van haar furie en ontkende naderhand alles wat hij eerder had rondgebazuind. En zij, die het nog niet wisten, kregen bij de rechtzitting nog eens rijkelijk te horen, wat er allemaal niet gebeurd was.

SPEEBEEKJE
Hendrick Thomassen woonde rond 1700 aan het Speebeekje in het huis van de weduwe Aelen, zijn schoonmoeder. In 1654 werd te Leeuwen zekere Catharina geboren als dochter van Henricus Westphalus en diens vrouw Mechtildis. Vrouw en dochter moeten kort nadien gestorven zijn en Hendrick Aelen, zoals hij eigenlijk heette, hertrouwde met Neulke Nelissen van de Wijerhof. Zijn huis te Leeuwen had hij sindsdien verhuurd.
Met ingang van pasen 1892 had Neulke van het Schaedtbroeck, zoals de weduwe Aelen ook wel genoemd werd, haar huis aan de beek verhuurd aan Andries Drousen voor elf pattacons per jaar. De woning bevond zich toen evenwel in zeer slechte staat. Er was dan ook afgesproken, dat de verhuurster de nodige reparaties zou laten verrichten: het aanbrengen van een kelder, opnieuw bepleisteren van kamers en keuken, en het laten timmeren van een doorgaande zolder.


Onder den Klockenslagh van Neel, Leeuwen en Asenray door Jan RuitenĀ©

pag.315  

Eerste  Vorige  310 311 312 313 314 315 316 317 318 319   Volgende  Laatste