Tekst zoeken   -    Inhoud   -    namen index
 - Vorige - Volgende

Onder den Klockenslagh van Neel, Leeuwen en Asenray door Jan RuitenĀ©

pag.97  

Onder de klockenslagh van Neel Asenray en Leeuwen

INKOMSTEN
Meer dan het malder rogge waren de vele gegevens, welke in de processtukken naar voren kwamen, voor de onderzoeker van belang. Niet alleen worden we zo wijzer over het doen en laten van de schutterij, maar ook de getuigen in deze zaak bleken naderhand een belangrijke schakel te vormen in menige stamboom, elders in dit boek opgenomen ').
Zoals uit het vorengaande reeds is gebleken, kwamen de inkomsten van de schutterij uit erfpachten, die enkele grondeigenaars als een jaarlijkse cijns aan de broederschap schuldig waren. Groter was de opbrengst van het eigen akkerland in het Tegelarijeveld en op de Leeuwerberg, bijna zeven morgen groot. Dit werd door de schutterij verpacht '). Later kwam daar nog de Schuttecamp te Asenray bij.
Jaarlijks waren de schutten zelf twee erfcijnzen schuldig over vijf morgen land in het Tegelarijeveld, te weten 2 malder aan het kapittel en 41/2 vat rogge aan de Munsterabdij. In 1700 klaagde de abdis, dat de leveringen al sedert enkele jaren waren achtergebleven. Het ergerde haar nog meer, dat haar rentmeester, dan deze, dan gene moest gaan zoeken. leder jaar was immers weer een andere broedermeester verantwoordelijk voor het afdragen van de cijns 3).

URBANUSWEG
Omtrent een dergelijke erfpacht ontstonden anno 1700 moeilijkheden tussen de pastoor en "Onse Lieve Vrouwe Broederschappe ende st. Urbanus Schutter/je", zoals het gilde voluit heette. De broederschap had voor hondert ende meer jaeren een erfpacht van ruim vier vaten rogge uit huis, hof en akkerland in de Meut onder Swalmen(!) voorbestemd aan de pastoor van Maasniel. Waarvoor de zieleherder op de feestdag van de patroonheilige een hooghmisse moet singen ende st. Urba-
nuswegh op sijnen tijdt (dit is alle zeven jaren) met processie begaen. Tot voor kort was deze erfpacht telkens trouw afgeleverd.

De schutterij had de cijns in 1698 verkocht aan dhr. Anselmus d'Everhardt, eigenaar van het goed. Hierdoor heeft de pastoor - ook door eigen onachtzaamheid- de erfpacht sinds enkele jaren moeten missen. De schutten weigerden nu een nieuw onderpand te stellen vanwege de jaarlijkse betalingen aan de pastoor. Volgens de priester waren eenighe ongeruste geesten aan het werk om hun pastoor en herder spijt aen te doen. Voor de schepenbank van Maasniel werd hij echter in het ongelijk gesteld. Half mei 1700 besliste het gericht, dat op de komende feestdag van Sint- Urbanus (25 mei) een hoogmis zou worden gezongen en daarna de st.Urbanuswegh mit processie begangen, terwijl de schout erop zou toezien, dat dit besluit inderdaad werd uitgevoerd en tevens, dat de schutten sich sullen hebben t'onthouden van alle ongeregeltheyden.
Sinterbanusweg (=Terbaansweg) liep vanaf de Wijerhof achter de Mouthagen om via het Maalbroek door Asenray en verder langs Cornelishof, Heystershof, de Straat en vandaar afbuigend langs de Schraag en Kloostershof tot aan het Gebroek.

SCHIKKING
Pastoor Wilhelmi zocht zijn recht alsnog hogerop bij het Hof van Gelder te Roermond. Beide partijen bleven halsstarrig aan hun gelijk vasthouden, zodat de zaak zich voortsleepte. Maar de Schepper riep zijn herder tot zich. Begin 1703 stierf Joannes Georgius Guilielmus. Zijn erfgenamen zetten de zaak voort. Het Hof vernietigde de uitspraak van de schepenbank. Advocaat Hillen uit Roermond, als executeur testamentair, kwam toen met de schutterij tot een minnelijke schikking om te voorkomen, dat de zaak tot in het oneindige zou worden voortgezet.
Met goedvinden van pastoor Ververs werd een streep onder de kwestie gezet. Uit de nalatenschap van de pastoor keerde Hillen eenmalig 50 gulden uit aan de schutterij en zou de broederschap elk jaar aan de nieuwe pastoor vijf gulden betalen voor een eredienst.


Onder den Klockenslagh van Neel, Leeuwen en Asenray door Jan RuitenĀ©

pag.97  

Eerste  Vorige  92 93 94 95 96 97 98 99 100 101   Volgende  Laatste